Op zoek naar nieuwe betekenissen in communicatie
Betekenisgeving is de kern van communicatie. Maar waar ontstaat die betekenis: in de boodschap, in iemands hoofd, of in het gesprek? Betteke van Ruler zet de belangrijkste inzichten op een rij. En laat zien wat dat vraagt van communicatieprofessionals.
Betekenis als duidingCommunicatie gaat over betekenis. Dat we dat tegenwoordig allemaal zeggen is winst – in het verleden hadden we het vooral over ‘overdracht van informatie’. Alsof het een technische handeling is. Maar wat bedoelen we eigenlijk als we het over betekenisverlening hebben? Betekenis is het meest onderzochte thema binnen de communicatiewetenschap, stelt auteur Stephen Littlejohn in zijn overzichtshandboek Theories of human communication uit de jaren tachtig. Maar, zegt hij erbij, er zijn heel veel verschillende ideeën over welke rol betekenisverlening speelt in communicatie. Dat is nog steeds zo.
Betekenis als duiding
Het woord betekenis is te herleiden tot iets dat een (merk)teken krijgt. Betekenis gaat over duiding. Over hoe wij menen dat iets is. Organisatiewetenschapper Karl Weick zegt dat iets pas betekenis kan krijgen als je het in een frame kunt passen. Een frame kun je zien als een kader waardoor je dat wat je ervaart kunt plaatsen in een groter geheel. Hij noemt dit het proces van sensemaking. Maar daarmee is nog niet gezegd hoe betekenisverlening tot stand komt, want daarover zijn de meningen verdeeld.
Betekenis zit in je hoofd
Van communicatiewetenschapper David Berlo is de vaak aangehaalde lens op betekenisverlening: ‘Meaning is in the head, not in the message.’ Door je opvoeding en contact met anderen ontwikkel je bepaalde betekenissen van dingen. Die zitten in jouw hoofd en zijn niet zomaar overdraagbaar. Je hebt talen (codes) nodig om jouw betekenis te encoderen in een taal die voor een ander decodeerbaar wordt. Hoe anderen decoderen, moet je volgens Berlo afwachten. De betekenis die iemand in zijn hoofd heeft, bepaalt wat die ervan vindt en hoe die handelt.
Betekenis ontstaat in interactie
De Berlo-benadering leidt er vaak toe dat we anderen zover willen krijgen dat die onze betekenis overnemen. Dus proberen we ze op allerlei manieren te verleiden. De Amerikaanse onderzoeker Stanley Deetz en zijn mede-auteurs zeggen in hun studieboek Communication theory at the crossroads uit 2025 dat dit te vaak ertoe leidt dat mensen voor het gemak zeggen dat ze het ergens mee eens zijn, maar dat het de vraag is of dat wel echt is (unwitting consent).
Die onbewuste instemming leidt uiteindelijk vaak tot afhaken en cynisme. Om te kunnen samenwerken, is het wezenlijk dat er een gemeenschappelijke betekenis is voor belangrijke thema’s. Hoe je daaraan komt? Door je eigen betekenis te delen met de anderen en vervolgens te zoeken naar de betekenis die je samen deelt – de common ground. Als die er niet is, zoek je door. Bijvoorbeeld naar het achterliggende frame dat de groep wel met elkaar deelt. Dilemmalogica is een aanpak die hierbij past.
Wat betekent dit voor jouw communicatieaanpak?
In deze theoretische benaderingen van betekenisverlening staat vast dat wij voor van alles en nog wat een betekenis in ons hoofd hebben en van daaruit communiceren. Maar is dat wel waar? Of gebruik je communicatie ook om je mening te vormen of aan te scherpen? Dan is betekenis dus niet de basis vóór, maar het product ván communicatie. Volgens de studie van Deetz en co. geef je pas in contact met anderen betekenis aan iets. Die betekenis is bovendien niet gefixeerd. Zodra je met anderen praat of meningen oppikt uit de media, stel je je eigen mening vaak een beetje bij.
Betekenissen zijn dus fluïde en betekenisverlening is nooit af. Je zult dus telkens met elkaar moeten afstemmen. In het agile werken vinden ze dat de gewoonste zaak van de wereld. Deetz en co stellen bovendien dat dit niet een psychologische (alleen in jouw hoofd) maar een relationele zaak is: betekenisverlening doe je met elkaar. Het is dus nuttig om tijd uit te trekken voor overleg.
Van zender naar interactiedesigner
Het gaat er niet om welke theorie waar is, maar welke het nuttigst is in onze complexe en turbulente wereld. Voor samenwerken, samen leven en samen verder komen, is het belangrijk dat we niet alleen openstaan voor andere ideeën, maar ook steeds weer creatief op zoek gaan naar nieuwe betekenissen, stellen Deetz en co. In de pluriforme samenleving waarin wij leven, moet je dus focussen op betekenisverlening als iets dat fluïde en creatief is. Zij benadrukken dat je die overleggen niet moet overlaten aan de mensen die hoog in de hiërarchie zitten, want hun mening is per definitie niet wat iedereen vindt. Het moet zo inclusief mogelijk: hoe meer meningen, hoe beter. Dat kost tijd, maar levert het meeste op.
Communicatieprofessionals, zeggen zij, moeten daarom interactiedesigners worden die mensen helpen om samen tot gedeelde duiding te komen. Een interessante gedachte? Deetz en co benadrukken dat het belangrijk is dat je bij jezelf te rade gaat hoe jij over de rol van betekenisverlening in communicatie denkt. Want die bepaalt jouw visie op goede communicatie. En die bepaalt weer wat je gaat doen. Zo praktisch is dus jouw visie op de rol van betekenisverlening in ons vak.
------
Betteke van Ruler is emeritus hoogleraar communicatiemanagement en medeoprichter van de Van Ruler Academy. Zij schrijft boeken voor communicatieprofessionals en verzorgt trainingen en incompany trajecten daaroverg