Wetenschap en werkelijkheid

Wetenschap en werkelijkheid

6 november 2018 - door Celia Noordegraaf - 0 reacties

Blog-wetenschappelijke-tijdschriften-705x220.jpg

Met de Leerstoel Strategische Communicatie wil Logeion de verbinding tussen wetenschap en praktijk versterken. Waarom eigenlijk? Wetenschappelijk onderzoek draait om het ontwikkelen van nieuwe kennis, die toepassingen opleveren en ons steeds een stukje dichter brengen bij de waarheid. Maar als die nieuwe kennis niet bij de praktijk komt, hebben we er weinig aan. Daarom hecht Logeion aan een nauwe relatie tussen wetenschap en praktijk. Wetenschappers publiceren hun nieuwe inzichten in wetenschappelijke tijdschriften. Welke discussies spelen er eigenlijk in de communicatiewetenschappelijke tijdschriften en wat kunnen communicatieprofessionals daar in de praktijk aan hebben? Reden voor een gesprek met Martine van Selm, hoogleraar Communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam én lid van het Curatorium dat de bijzonder hoogleraar Strategische Communicatie benoemt.

Als onderzoeker streef je ernaar elk jaar gemiddeld twee artikelen met onderzoeksresultaten te publiceren in relevante wetenschappelijke tijdschriften – tijdschriften die vakgenoten lezen en in hoog aanzien staan. Dat kan eigen onderzoek zijn, onderzoek dat je samen met een promovendus uitvoert of onderzoek dat je samen met anderen uitvoert. Het communicatiewetenschappelijk onderzoek dat binnen de Amsterdam School of Communication (ASCoR) wordt gedaan is empirisch-analytisch onderzoek. Dat wil zeggen gebaseerd op een systematische verzameling van data uit de werkelijkheid. Cruciaal is dat je artikel nieuwe kennis bevat, bijvoorbeeld doordat je laat zien dat een tot nu toe gehanteerd model toch net iets anders zit of door verschillende ‘body’s of knowledge’ te combineren. Martine van Selm raakte al tijdens haar studie Communicatiewetenschap geïnteresseerd in de gerontologie, de wetenschap die het ouder worden bestudeert. Nu is haar aandachtsgebied Beeldvorming in Organisaties en onderzoekt ze hoe de media bijdragen aan de manier waarop wij denken over de vergrijzende samenleving.

Beeldvorming
Tijdens haar studie Communicatiewetenschap deed Martine van Selm een afstudeeronderzoek naar het mediagebruik door ouderen. Daarna werd ze assistent in opleiding (AIO) bij gerontologie waar ze deel uitmaakte van een onderzoeksprogramma naar persoonlijke zingeving in de tweede levenshelft. In plaats van ouder worden te zien als afbouw en verlies, richtte het persoonlijk zingevingsonderzoek zich op ontwikkeling en groei tijdens het ouder worden. Hoe kun je succesvol ouder worden en je blijven ontwikkelen? Martine constateert in haar proefschrift ‘Zingevingsproblematiek in de tweede levenshelft’, dat ook negatieve gedachten in deze levensfase normaal zijn.

Stereotypen
Na haar promotie in 1998 werd ze universitair docent (UD) bij Communicatiewetenschap aan de Radboud Universiteit in Nijmegen voor het vakgebied Nieuwe Media en Communicatietechnologie. De methoden van onderzoek, de filosofische benadering en andere manieren van werken uit de gerontologie, bleken bij uitstek ook geschikt om communicatievraagstukken rond de rol van ICT in organisaties aan te pakken. In 2010 kwam ze naar Amsterdam als directeur van het College of Communication, waar ze in 2018 ook hoogleraar werd. Op dit moment werkt Martine samen met o.a. collega Anne Kroon aan een publicatie over stereotypen over oudere werknemers met als werktitel ‘Reducing & Denying’. Sommige groepen bagatelliseren het bestaan van stereotypen, anderen conformeren zich eraan. Als je je bewust bent van de verschillen in beeldvorming bij je doelgroepen, kun je je communicatie en je beleid daarop afstemmen.

Crisis
Een onderwerp waar veel over wordt gepubliceerd in de wetenschappelijke tijdschriften is crisiscommunicatie. Bij een crisis lopen vaak drie werkelijkheden door elkaar: het beeld dat een organisatie wil uitdragen over zichzelf, het beeld dat gecreëerd wordt in de media en het beeld dat ontstaat in de social media. Uit het onderzoek blijkt dat het organisatiegecentreerde model niet meer werkt. De kunst is om de drie werelden met elkaar in overeenstemming te brengen. Als je dat goed doet, komen de frames in latere fases van de crisis bij elkaar. Helaas kiezen nog veel organisaties voor de ouderwetse aanpak. “Boardroom, probeer meer open te staan voor nieuwe wetenschappelijke inzichten uit de communicatiewetenschap”, adviseert Martine.

Social media
Een ander issue in de wetenschappelijke tijdschriften is social mediagebruik door medewerkers. Is dat een zegen of een vloek? Ook hier is weer een discrepantie te zien tussen wetenschap en praktijk. Organisaties zijn vaak uiterst huiverig voor social mediagebruik door hun medewerkers, terwijl uit onderzoek blijkt werknemers zich op social media vaak feitelijk of positief uiten over de organisatie waarvoor ze werken. Medewerkers kunnen een geweldige ambassadeur voor je organisatie. Uit het onderzoek blijkt ook dat er niet één type medewerker is. De zogenaamde ‘integrators’ gedijen goed bij het mixen van werk en privé, en de ‘segmenters’ willen dat heel graag gescheiden houden en ervaren het door elkaar heen lopen van beide domeinen eerder als een interruptie. Goed om te weten als je hiervoor beleid ontwikkelt.

Bijblijven
Als onderzoeker bij een universiteit heb je eenvoudig toegang tot alle wetenschappelijke tijdschriften om dat de universiteit erop geabonneerd is. Voor communicatieprofessionals kan het downloaden van een artikel soms best prijzig zijn. Vaak weet je van te voren niet of het artikel wat je voor is, en hoe weet je wanneer wat gepubliceerd is? Wetenschappers volgen op social media? Toni van der Meer (crisiscommunicatie), Ward van Zoonen en Joost Verhoeven (social media), Irina Lock (CSR), en Claartje ter Hoeven (work-life balance)? Maar posten die hun nieuwste bevindingen wel regelmatig op LinkedIn? Tip van Martine van Selm: bekijk thema’s en publicaties van ASCoR-collega’s via corpcomm.nl en ascor.uva.nl waar regelmatig melding wordt gemaakt van nieuwe publicaties. Maar dan nog: hoe zit het met de andere universiteiten waar ongetwijfeld ook belangwekkend onderzoek wordt gepubliceerd? Leuke uitdaging om over na te denken met het Centrum Strategische Communicatie van Logeion.


Achtergrondinformatie
Hoe zijn onderwijs en onderzoek Communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam op dit moment georganiseerd? Omdat het voor de meesten al weer even geleden is, een opfrisser. De bacheloropleiding Communicatiewetenschap wordt verzorgd door het College of Communication, waar Martine van Selm directeur van is. Ongeveer 1100 studenten volgen een bachelor aan de UvA, die daarmee de grootste van Nederland is en sinds 2016 ook een Engelstalige variant kent. De masteropleidingen vinden plaats in de Graduate School. Het onderzoek is geconcentreerd in de Amsterdam School of Communication Research (ASCoR). Binnen ASCoR zijn vier programmagroepen: Corporate Communicatie, Persuasieve Communicatie, Politieke Communicatie & Journalistiek en Youth & Entertainment. De verbinding tussen onderwijs en onderzoek komt tot stand door de medewerkers, die zowel onderzoek doen als onderwijs geven. Op het terrein van Communication & Media Studies is de Universiteit van Amsterdam (UvA) de beste van de wereld in de QS World University Rankings by subject 2018.

Deel dit bericht

Reacties

Plaats een reactie

Italic en bold

*Dit is italic*, en _dit ook_.
**Dit is bold**, en __dit ook__.

Links

Dit is een link naar [Procurios](http://www.procurios.nl).

Lijsten

Een lijst met bullets kan worden gemaakt met:
- Min-tekens,
+ Plus-tekens,
* Of een asterisk.

Een genummerde lijst kan worden gemaakt met:
1. Lijst-item nummer 1.
2. Lijst-item nummer 2.

Quote

Onderstaande tekst vormt een quote:
> Dit is de eerste regel.
> Dit is de tweede regel.

Code

Er kan een blok met code worden geplaatst. Door voor de tekst vier spaties te plaatsen, ontstaat een code-block.