Annemarie Jorritsma: Minder geld, dus meer investeren in communicatie

LOGNW_Annemarie-Jorritsma-Galjaardlezing.jpg

Foto: copyright Maurits van Hout

donderdag 24 april 2014 14:06

Volgens Jorritsma mag een deel van het budget dat bestemd is voor de transitie naar de Participatiewet, geïnvesteerd worden in meer en betere communicatie naar de burgers. Want juist wanneer er minder geld is, moet er meer gecommuniceerd, aldus Annemarie Jorritsma, burgemeester van Almere.

Door Andrea Dobbe

Jorritsma verzorgde dit jaar de Galjaardlezing voor overheidscommunicatie. In het stadhuis van Utrecht stelde ze dat de overheidscommunicatie veranderd is, maar dat er de komende tijd nog veel meer moet veranderen. Juist bij de transitie naar de nieuwe Participatiewet in 2015, moet de afdeling communicatie de ambtenaren ondersteunen om echt te gaan praten met de burgers, aldus Jorritsma: 'Interne communicatie mag aan de slag. Want iedereen moet naar buiten.’

Almere is een van de jongste gemeenten van Nederland, de stad bestaat nu 30 jaar. Omdat alles ’from scratch’ moest worden opgebouwd, had de gemeentelijke overheid vanaf het begin een flinke vinger in de pap. Jorritsma: 'De filosofie van de maakbare samenleving is in IJsselmeerpolders tot in het extreme doorgevoerd. Daar lopen we nu wel tegen grenzen aan.’ Nu loopt de gemeente echter tegen haar grenzen aan. Jorritsma: We moeten een stapje terug doen en opnieuw naar ons takenpakket kijken, er is immers steeds minder geld. Daarnaast moeten we gedrag veranderen, want de burger in Almere kijkt nu altijd eerst naar de gemeente als er iets moet gebeuren. We zullen dus meer gaan terugleggen bij de burger.’

Ze vervolgt: 'Maar burgers zijn ook veranderd ten opzichte van 30 jaar geleden, beter opgeleid ook. Ze ervaren veel van de bestaande regels als betuttelend. Ze willen meer zelf doen. Het zou ook goed zijn voor de sociale cohesie als mensen wat meer naar elkaar kijken, in plaats van omhoog, naar ons.’ Almere experimenteerde met een aantal burgerinitiatieven op het gebied van groen en veiligheid. Zo houden inmiddels 1000 hondenuitlaters middels Whatsapp de buurt in de gaten, en zijn er buurtpreventieteams en buurtgroepen actief. In totaal zijn zo’n 12.000 mensen aangesloten. De toenemende participatiegraad van de inwoners heeft gevolgen voor de communicatie, aldus Jorritsma. 'Van bestuurders en raadsleden wordt een andere houding verwacht en een andere manier van communiceren met de burger.'

'Bereik overheidsvoorlichting wordt overschat'
Jorritsma: ‘Tijdens ons laatste actieplan, ‘Veiligheid 2010-2014’, hadden we 6 wijkbijeenkomsten belegd, voor iedere wijk. We gaven een analyse van de wijk en de specifieke problemen, hielden een Q&A en organiseerden speeddates tussen burgers en ambtenaren. De grootste eyeopener was voor mij dat mensen verbaasd zijn dat wij weten waar zij mee zitten. Ik vond het ook verbijsterend dat veel mensen niet weten wat wij allemaal doen met hun buurt. Wij publiceren erover in onze stadhuis aan huispagina’s, de website, we versturen persberichten die de lokale en regionale media ook overnemen, enzovoort. En dan toch zijn mensen nauwelijks op de hoogte. We overschatten systematisch het bereik van onze overheidsvoorlichting. We besloten de bijeenkomsten 1 of 2 keer per jaar te herhalen. Er komen gemiddeld 300 mensen per keer op af.’

Inmiddels is het tijd voor een nieuw actieplan. Jorritsma: 'We hebben nu het plan om rondom de zomer er op uit te trekken met een soort van karavaan. Een bus of, met mooi weer, op de fiets en op meerdere plekken in de wijk neer te strijken. Plekken waar veel mensen zijn, zoals winkelcentra, op de markt, sportvelden, enzovoort. De centrale boodschap wordt: “Wij, van de gemeente, zien dit en dit in uw wijk. Wat vindt u? Vindt u dit ook een belangrijk onderwerp of vindt u andere onderwerpen belangrijker? Dit is ons prioriteitenlijstje voor deze wijk. Wij willen daar graag met u over praten en samen met u de onderwerpen voor deze wijk prioriteren.'

'Dus voordat we oplossingen gaan bedenken, gaan we eerst luisteren naar wat inwoners als een probleem ervaren. Dit wordt communicatief een puzzel, want nu gaat het ook om het managen van verwachtingen. Want de bomen groeien, ook in de nieuwe collegeperiode, niet tot in de hemel. Met de middelen die we hebben, kunnen we lang niet alles realiseren. We zullen we dus aan de burgers vragen welke rol ze zelf willen spelen in de oplossing ervan. Zoiets vergt een cultuuromslag, ook binnen de gemeente. Interne communicatie mag dus aan de bak. Want iedereen moet naar buiten. Je kunt immers alleen goed contact maken als je je inleeft in de ontvanger. Communicatie zal mensen hier in moeten ondersteunen.'

Gemeenten krijgen er in 2015 drie grote taken bij in het sociaal domein: de nieuwe Jeugdwet, zorgtaken uit de AWBZ voor mensen met een beperking (nieuwe Wmo) en zoveel mogelijk mensen met een beperking aan passend werk helpen, de Participatiewet. Jorritsma: 'Tegelijkertijd moeten we van regels, naar ondersteuning en activering. Dan helpen geen spotjes of flyers, maar moet je ontmoetingen regelen, en luisteren. Ook als het gaat om zorg. Bij de mensen thuis. En communicatieprofs zullen met de ambtenaren mee moeten.'

'We moeten af van het denken vanuit het zorgaanbod: van het idee dat als iemand probleem X heeft, hij/zij dan ‘recht heeft’ op ondersteuning Y en dús die voorgeschreven ondersteuning moet krijgen. Misschien is de persoon in kwestie wel veel meer gebaat bij een andere oplossing. Het keukentafelgesprek is een opgave van de eerste orde. Meedenken met de mensen, duidelijk zijn in gesprek, zoeken naar een gemeenschappelijke taal. Omdenken is nodig, maatwerk! Voor communicatie wordt het een proces van zoeken naar de juiste weg, van besluiten nemen zonder alles van te voren te weten.”

Minder geld, meer communicatie 
Jorritsma: „We hebben last van de bezuinigingen. We moeten het slimmer en beter doen met minder geld. De lokale overheid komt hierdoor echt dichtbij de burger te staan. Mijn vuistregel: als er minder geld is, is er juist meer communicatie nodig. Een voorbeeld: De AWBZ wordt vanaf 2015 ingrijpend veranderd. Op dit moment is er geen zorg op maat mogelijk, mensen moeten het doen met wat wij ze aanbieden. Straks is dat echter wel mogelijk. Van "wat kan ik je bieden”, naar "wat heb je nodig?” Dat valt of staat met communicatie. Wij hebben vanuit ons aanbod altijd een verhaal klaar, maar burgers willen veel meer weten dan dat. "Is straks mijn buurthuis er nog wel, of dat busje, word ik nog wel geholpen?”

'Hoe meer maatwerk, des te meer beroep op zelfredzaamheid en dus investeren in communicatie. Waar wordt dat van betaald? Voor een deel uit de centrale pot, maar ook uit de transitiepotjes die we hebben. En zo moet het ook, elke afdeling betaalt het zelf.'​

« Terug

Reacties op 'Annemarie Jorritsma: Minder geld, dus meer investeren in communicatie'

Geen berichten gevonden

Log in om te kunnen reageren op nieuwsberichten.