Ga direct naar


Geachte wethouder: durf te sturen op verwachtingen

Geachte wethouder: durf te sturen op verwachtingen

vrijdag 15 mei 2009 14:27 Voor het Radio 1 Journaal was het groot nieuws: een nieuwe stichting die bemiddelt in het vinden van wethouders. De mogelijkheid om een wethouder te benoemen van buiten de raad, zelfs van buiten de gemeente biedt een gat in de markt, nu gemeenten steeds meer moeite hebben competente bestuurders te vinden en te behouden. Oorzaken lijken op het eerste gezicht niet erg ingewikkeld: vergrijzing, dualisme, magere beloning. En langdurig geduldig gedrag in een politieke partij kan wel tot het pluche leiden, maar is nog geen garantie voor bestuurlijk succes.

10% van gevallen wethouders struikelt over participatie
Goede bedoelingen zijn er meestal te over: vooral veel ruimte creëren voor burgerparticipatie, dan heb je tenminste breed draagvlak. Dat nu is geen vanzelfsprekendheid. Met deze goede bedoeling graaft menig wethouder een kuil voor zichzelf, omdat participatie vaker een doel is dan een middel naar besluitvorming. In 2008 verdwenen volgens Binnenlands Bestuur 122 wethouders van het toneel, na een politiek conflict. Ik heb het uitgezocht: in ten minste 12 gevallen was er een directe relatie met participatie en communicatie. Het is het dilemma van de democratie; er zijn altijd tegenstanders van een gemaakte keuze en burgers die zich onvoldoende gehoord voelen, ondanks alle participatiemethoden van de gemeente. De wethouder krijgt van de raad de opdracht “nog eens met omwonenden te praten”.

Wat is de bedoeling van dergelijke communicatie? Welke invloed kunnen burgers precies uitoefenen, in welk stadium? Duidelijkheid over de verwachtingen is de sleutel tot resultaat. Het bestuur is er om te besturen, en dat doe je door alle belangen boven water te brengen, te wegen en vervolgens in overeenstemming te brengen met politieke keuzen. Het is aan het bestuur om knopen door te hakken. Dat het zo werkt moet van tevoren al duidelijk zijn voor al degenen die een rol kunnen spelen in het participatieproces. Dat niet het draagvlak de doelstelling is, maar de kwaliteit van de besluitvorming, die tot stand komt door alle belangen en inzichten te verzamelen. Dat het om de argumentatie gaat en niet om degenen die de argumenten aandragen. Het managen van de verwachtingen dus, maar wel in een zo vroeg stadium dat argumenten er ook nog echt toe kunnen doen. De kwaliteit van het besluit zelf en de communicatie erover zorgt dan voor draagvlak.

Huidige participatie verkleint kloof niet
Rond een eeuwwisseling treden altijd maatschappelijke verschuivingen op. Aan het einde van vorige eeuw werd de stad definitief de motor van de samenleving. Complexe vraagstukken op het gebied van volkshuisvesting, werkgelegenheid, verkeer, integratie en sociale samenhang vroegen er om sturing. De kiezer kwam zich dichterbij en anders met de politiek bemoeien. De bestuurlijke focus verschoof van steen naar sociaal. Geen plan passeerde meer zonder burgerparticipatie en beraad met wijkraad, moskeebestuur en winkeliersvereniging. Belangen in complexe vraagstukken bleken echter vrijwel nooit helemaal op een lijn te krijgen.

Vrijwel iedere grote stad heeft inmiddels een of meerdere wijkwethouders. De wethouder probeert zich niet te branden aan een besluit dat de bewoners tegen hem zal keren. De zogenaamde kloof tussen burger en overheid wordt hierdoor niet kleiner. Burgers houden nog strakker vast aan de eigen belangen; het werkt immers, er wordt naar ze geluisterd. De wethouder komt in een fuik terecht. Door verwachtingen te laten gedijen verbindt hij of zij zich aan te behalen resultaten, die niet altijd haalbaar blijken. Het oordeel van de gemeenteraad hangt als een zwaard van Damocles boven zijn hoofd, dat voelt niet prettig. De bijbehorende publiciteit maakt de positie van de wethouder er ook niet aantrekkelijker op. En zo komen we in een situatie dat er een werving- en selectiebureau voor wethouders nodig lijkt.

Het is tijd voor realiteitszin en verwachtingenmanagement
Uiteindelijk hebben ook bewoners niets aan communicatie en participatie als doel, maar wel als middel. Bewoners willen weten wat er met hun wijk gebeurt en waarom, hun wensen gehonoreerd zien, of argumenten horen waarom niet. Niet alle wensen kunnen ingewilligd worden, maar ze kunnen wel tijdig worden verzameld en meegewogen in de besluitvorming. En je kunt ook uitleggen hoe de afweging is gemaakt. Het is de taak van het bestuur op voorhand de impact van plannen te doorgronden en geen ruimte te laten voor niet realiseerbare verwachtingen. De wethouder heeft de verantwoordelijkheid om het participatietraject te richten naar de impact van de plannen en niet als doel op zich. Onder een heldere en volgehouden regie leidt realistische participatie tot passende resultaten, zonder vertragingen, en voldoende tevredenheid bij alle partijen. Ook over de wethouder, die gedecideerd en met visie zijn zaken runt. Grijs of niet, passend binnen het duale stelsel, van welke politieke achtergrond dan ook.

Drs. Diane Bergman, adviseur BMC Advies en Management.

«Terug

Reacties op "Geachte wethouder: durf te sturen op verwachtingen"

Geen berichten gevonden.

Archief > 2012

mei

april

maart

februari

januari